Verantwoording
ConceptAtlas gebruikt een gepubliceerde onderzoeksmethode en rekent met open beschreven algoritmen. Deze pagina legt uit waar dat vandaan komt, wat de cijfers betekenen en waar de grenzen liggen. Wij vinden dat je dat moet kunnen nalezen voordat je ergens aan begint.
De basis
Group Concept Mapping is in de jaren tachtig beschreven door William Trochim en later uitgewerkt met Mary Kane. De methode is gepubliceerd en vrij te gebruiken. ConceptAtlas is een eigen, onafhankelijke implementatie ervan en gebruikt geen code van andere aanbieders.
Elke deelnemer legt uitspraken op stapels. Hoe vaak twee uitspraken samen op een stapel belanden, bepaalt hoe dicht ze op de kaart bij elkaar komen te liggen. Dat rekenwerk heet multidimensionale schaling.
De thema's ontstaan daarna door clustering. De namen worden door de groep gegeven, niet door het algoritme.
Stress zegt hoe trouw de platte kaart de oorspronkelijke sorteringen weergeeft. Voor dit type kaarten is een waarde tussen 15 en 35 gebruikelijk.
Split-half betrouwbaarheid splitst de deelnemers willekeurig in twee helften en vergelijkt beide kaarten. Boven 0,80 geldt als degelijk. Zo weet je of de uitkomst afhangt van wie er toevallig meedeed.
Bridging laat zien of deelnemers het eens zijn over waar een uitspraak thuishoort. Een lage waarde betekent een scherp afgebakend thema, een hoge waarde dat mensen er verschillend over denken.
Dat is een bevinding op zichzelf: waar geen gedeeld beeld is, valt nog weinig te besluiten.
Belang en haalbaarheid zijn niet zomaar twee meningen. Ze sluiten aan op de gedragstheorie van Fishbein en Ajzen: belang komt overeen met de waardering van de uitkomst, haalbaarheid met wat Ajzen waargenomen gedragscontrole noemt.
Dat is meer dan een weetje. Waargenomen controle voorspelt sterker of mensen daadwerkelijk in beweging komen. Scoort een thema hoog op belang en laag op haalbaarheid, dan helpt het benadrukken van het belang niet; het vergroten van de controle wel.
De doorrekening is gebaseerd op fuzzy cognitive mapping. De groep beoordeelt zelf hoe sterk thema's elkaar beinvloeden; die oordelen worden de gewichten in het model.
Het resultaat is een verkenning van richting en dynamiek. Het is uitdrukkelijk geen voorspelling, want de gewichten zijn meningen en geen gemeten effecten.
Disclaimer
Een gedeelde kaart is een sterk hulpmiddel, maar het blijft een hulpmiddel. Dit zijn de grenzen, expliciet opgeschreven.
Bronnen
De methode en de gebruikte richtwaarden zijn gepubliceerd. Hieronder staat welke bron waarvoor gebruikt is, zodat je elke bewering kunt terugzoeken.
| Waarvoor | Bron |
|---|---|
| De methode zelf | Kane, M., en Trochim, W. (2007). Concept Mapping for Planning and Evaluation. Sage. |
| Oorspronkelijke beschrijving | Trochim, W. (1989). An introduction to concept mapping for planning and evaluation. Evaluation and Program Planning. |
| Richtwaarden voor stress en betrouwbaarheid | Rosas, S. R., en Kane, M. (2012). Quality and rigor of the concept mapping methodology: a pooled study analysis. Evaluation and Program Planning. |
| Betekenis van de waarderingsschalen | Fishbein, M., en Ajzen, I. (1975). Belief, Attitude, Intention and Behavior. Addison-Wesley. · Ajzen, I. (1991). The theory of planned behavior. Organizational Behavior and Human Decision Processes. |
| De simulatie | Kosko, B. (1986). Fuzzy cognitive maps. International Journal of Man-Machine Studies. |
| Van kaart naar ontwerp | McKenney, S., en Reeves, T. C. (2018). Conducting Educational Design Research. Routledge. · Sandoval, W. (2014). Conjecture mapping. Journal of the Learning Sciences. · Van den Akker, J. (1999). Principles and methods of development research. |
De precieze algoritmen, de gemaakte keuzes en de licentie van de gebruikte software staan open beschreven op de methodepagina. Werk je zelf als onderzoeker, kijk dan ook bij van clustermap naar ontwerp.
ConceptAtlas is een handelsnaam van LeX Consultancy B.V.
We leggen graag uit hoe een cijfer tot stand komt, of waarom we ergens juist voorzichtig in zijn.
Stel je vraag